Interactief

Waar vloeien uw belastingcenten naartoe?

Na de Vlaamse is ook de federale regering volop bezig met de opmaak van de begroting van volgend jaar. Maar waar stroomt uw belastinggeld nu precies naartoe? De Tijd dook in de cijfers van de Nationale Bank en stelde vast dat ons land veel uitgeeft aan onderwijs, loonsubsidies en administratie.

Door Dieter Dujardin, Thomas Segers, Raphael Cockx en Thomas Roelens 6 Oktober 2021

Op basis van de gedetailleerde tabellen uit 2019 kunnen we de grootste uitgavenposten identificeren. De coronacrisis kostte de overheid de voorbije twee jaar bijna 35 miljard euro, maar voor 2020 en 2021 beschikt de Nationale Bank nog niet over gedetailleerde cijfers. Dat maakt deze oefening niet minder relevant: de Belgische overheidsuitgaven zijn al jaren structureel hoog. Bovendien leerde de Nationale Bank uit de financiële crisis dat België goed is in het opvangen van crisissen, maar minder bedreven in het terugschroeven van de uitgaven erna.

totale overheidsuitgaven

247 miljard

In 2019 spendeerden de verschillende overheden van het land in totaal zo’n 247 miljard euro. In verhouding tot het bruto binnenlands product (bbp) is België in Europa het land met de op twee na grootste overheidsuitgaven, na Frankrijk en Finland.

De Nationale Bank verdeelt de overheidsuitgaven in tien categorieën

De uitgaven voor de sociale bescherming vallen meteen op. Van elke 100 euro belastinggeld vloeit 35 euro naar de pensioenen en de sociale uitkeringen.

De pensioenen zijn de grootste uitgavenpost van ons land, goed voor bijna 45 miljard euro of een vijfde van alle overheidsuitgaven.

Daarbovenop komt 7,5 miljard voor de overlevingspensioenen - pensioen dat aan de langstlevende be­lang­heb­ben­de toe­komt - en verwante categorieën.

In vergelijking met de pensioenen is het budget voor de werkloosheidsuitkeringen (6,3 miljard) relatief beperkt. Bij de begrotingsopmaak is het terugdringen van de groep langdurig zieken een grotere uitdaging.

Na de sociale bescherming is de gezondheidszorg de grootste kostenpost.

In 2019 spendeerde de overheid ruim 36 miljard euro aan onder andere ziekenhuizen, ambulante zorg en medische producten en toestellen. De stijging van de kosten voor gezondheid is sterk gelieerd aan de vergrijzing.

Tegenover onze buurlanden geeft België relatief meer uit aan poliklinische gezondheidszorg - kleine ingrepen of consultaties zonder een opname in het ziekenhuis - maar minder aan medische producten en onderzoek.

De uitgaven voor de sociale zekerheid - het geheel van de sociale bescherming en de gezondheidszorg - bedragen meer dan de helft van het totaal.

Met 31 miljard aan uitgaven is ook het economisch beleid duur. Het aantal uitgaven dat onder die noemer valt, is vrij breed: van loonsubsidies tot dienstencheques en uitgaven voor openbaar vervoer en mobiliteit.

Het economisch beleid is erg duur in vergelijking met onze buurlanden, blijkt uit de internationale vergelijking van de Nationale Bank. Dat heeft alles te maken met de Belgische ‘erfzonden’.

Vooral de loonsubsidies zijn hoog in België. Ze kenden de voorbije 20 jaar een sterke groei en werden vaak ingevoerd ter compensatie van de hoge loonkost. De Nationale Bank noemt deze subsidies onproductief en beveelt de overheid aan belastingen te hervormen.

Een ander structureel probleem is de lintbebouwing. Die zorgt voor versnipperd openbaar vervoer, met hogere kosten tot gevolg.

Ook de overheid is een grote slokop: 10 miljard wordt verdeeld over de overheidsdiensten Financiën, Binnenlandse Zaken en Buitenlandse Zaken met zijn universum aan ambassades en consulaire diensten, over het politieke bestel met de vele parlementen, regeringen en kabinetten en over het Koninklijk Huis.

Voor elke hoofdcategorie kunnen we de historische evolutie in kaart brengen. De bedragen zijn gecorrigeerd voor de inflatie. Ze tonen op welke overheidsdepartementen werd beknibbeld en welke uitgaven uit hun voegen barsten.

Overheidsuitgaven in miljard euro

Bron: Nationale Bank van België

De hoge overheidsuitgaven zijn niet nieuw. Sinds 2001 stegen ze met een derde van 184,5 miljard naar 245 miljard euro.

Ze zijn goed voor 52 procent van het bbp. Daarmee is de kloof met de buurlanden ruim verdubbeld, van gemiddeld 2,1 procentpunt bbp in 2001 naar 4,5 procentpunt bbp in 2019.

De grootste stijging deed zich tussen 2007 en 2009 voor door de economische en financiële crisis. Terwijl landen als Nederland en Duitsland er daarna in slaagden de uitgavenratio terug te brengen tot die van voor de crisis, lukte dat voor België slechts gedeeltelijk.

Als we kijken naar de historische evoluties, lopen de uitgaven voor de sociale bescherming opnieuw in de kijker. De voorbije twee decennia namen die sterk toe. In 2001 lagen de uitgaven voor de sociale zekerheid lager dan in de buurlanden.

Die uitgaven zijn sindsdien met bijna de helft toegenomen, vooral door een stijging van de ziekte- en invaliditeitsuitkeringen en de pensioenkosten.

De herhaaldelijke pensioenhervormingen hebben de groei slechts beperkt getemperd. De onlangs besliste verhoging van het minimumpensioen naar 1.500 euro verschuift de piek van de vergrijzingskosten van 2040 naar 2050. In december behandelt de federale regering de hervormingsplannen van minister van Pensioenen Karine Lalieux (PS).

Overheidsuitgaven in miljard euro

Bron: Nationale Bank van België

Met een dikke 29 miljard euro aan uitgaven is onderwijs een grote uitgavenpost in dit gefederaliseerde land.

De uitgaven voor het lager, secundair en hoger onderwijs zijn sinds 2001 met bijna 40 procent gestegen.

Per leerling spendeert België meer geld dan onze buurlanden en meer dan het gemiddelde in de eurozone.

Dat kan zijn omdat de klassen kleiner zijn, maar de onderzoekers van de Nationale Bank suggereren ook dat de opsplitsing in taalgroepen en onderwijskoepels er iets mee te maken heeft. De hogere budgetten leiden niet tot betere onderwijsresultaten, want de kwaliteit van het onderwijs daalt al jaren.

Overheidsuitgaven in miljard euro

Bron: Nationale Bank van België

Defensie is al jaren een van de makkelijkste slachtoffers als bij de begrotingsrondes geld bespaard moet worden. De limiet lijkt nu echt bereikt.

Sinds 2001 daalden de uitgaven met 16 procent. Tegelijk daalde het aantal manschappen in het Belgisch leger naar 25.000, terwijl het er in 2007 nog 42.000 waren.

Onder de regering-Michel werd een groot investeringsplan goedgekeurd en het leger zoekt volop mensen om de nieuwe vliegtuigen, drones, boten, wapens en voertuigen te bedienen. België wordt door de NAVO al jaren op de vingers getikt omdat het te weinig uitgeeft aan defensie.

Overheidsuitgaven in miljard euro

Bron: Nationale Bank van België

Zo’n 33 miljard van de overheidsuitgaven gaat naar algemeen bestuur. In 2001 was dat nog meer dan 40 miljard.

Die opmerkelijke daling heeft alles te maken met de rentelasten die de overheden betalen op hun schulden.

Momenteel gaat zo’n 10 miljard naar de rentelasten op de overheidsschuld, wat meer is dan alle uitgaven voor de politie, de brandweer, justitie, de gevangenissen en de asielopvang samen. Gemeten in procent van het bbp liggen de Belgische rentelasten dubbel zo hoog als die in Duitsland. Maar door de extreem lage rentes daalden de rentelasten de jongste 20 jaar spectaculair.

De dalende rentelasten compenseren niet voor de toegenomen overheidsuitgaven. Structureel geeft de overheid dus al veel geld uit. Daarbovenop heeft de coronacrisis de overheidsuitgaven de jongste twee jaar nog verder doen ontsporen, met miljarden aan bijkomende uitgaven voor steunmaatregelen en een pak minder belastinginkomsten. Voor 2022 schat het federale monitoringcomité het tekort van alle overheden op 21,3 miljard.

Premier Alexander De Croo (Open VLD) zoekt deze week nog een goeie 800 miljoen om rond de 20 miljard te landen. Maar die zoektocht verloopt moeizaam: socialisten en groenen willen eerder investeren dan besparen en zowat alle partijen dringen erop aan dat de overheid de stijgende energieprijzen voor de gezinnen gaat compenseren. Ook de Vlaamse regering houdt het volgend jaar overigens bij een beperkte inspanning van 97 miljoen euro.