Interactief

Herschikking netwerk moet geldautomaat betaalbaar én bereikbaar houden

De Belgische grootbanken smeden een alliantie om met minder automaten toch even vlot cash beschikbaar te houden. Zo'n hervorming is nodig want vandaag zijn de automaten erg ongelijk verspreid. Bekijk hier de situatie in uw buurt.

Door David Adriaen, Raphael Cockx en Thomas Roelens 24 April 2021

Betalen in coronatijden betekent meestal de kaart of de smartphone bovenhalen. Maar ook zonder pandemie is het gebruik van cash op zijn retour. De Belg haalt gemiddeld eens om de 4 weken geld af, een halvering op vijf jaar tijd. Die jaar na jaar zakkende geldafhalingen gaan gepaard met stijgende kosten voor beveiliging en daarom zijn banken de dure geldautomaten liever kwijt dan rijk.

Daartegenover staat dat vandaag nog steeds zowat de helft van alle transacties cash betaald worden. Door een alliantie te vormen onder de naam Batopin willen de grootbanken (Belfius, BNP Paribas Fortis, ING en KBC) met minder automaten dezelfde bereikbaarheid garanderen. Tegen 2025 zal hun nieuwe gemeenschappelijke dochteronderneming een netwerk van ruim 700 locaties uitbaten als vervanging van de om en bij 2.300 locaties waar ze vandaag automaten hebben staan.

Die hertekening is meer dan nodig, zo blijkt uit onderzoek van De Tijd. Voor het eerst verzamelden we locatiegegevens van zo goed als alle Belgische banken en hun geldautomaten. Met die gegevens krijgen we een goed overzicht van waar er nog makkelijk cash kan afgehaald worden en op welke plaatsen in ons land het steeds verder rijden is om geld uit de muur te halen.

Analyse van deze gegevens leert dat de verdeling van de 3.720 huidige locaties - verdeeld over grote en kleine banken, plus heel wat postkantoren - erg ongelijk is. Van dorpskernen met niet minder dan 12 locaties tot deelgemeenten waar de bijna 6.000 inwoners geen enkele geldautomaat meer zullen aantreffen.

Vandaag zijn er in totaal in ons land nog 3.720 locaties met geldautomaten van grote en kleinere banken en Bpost.

Het overgrote deel ervan, 3.296, is gekoppeld aan een bank- of postkantoor met één of meer automaten in een selfbankruimte of buiten in de muur. Op 424 plaatsen staan losse geldautomaten.

Grootbanken

Fortis en Fintro hebben samen het meest uitgebreide netwerk met automaten op 652 locaties, KBC volgt met 613 locaties, Staatsbank Belfius zit op 541 locaties en ING op 497. De grootbanken tellen op die manier samen 2.303 locaties.

Bij de grootbanken zien we vaak veel automaten op korte afstand van elkaar, een gevolg van de historische inplanting van bankkantoren in centra van grote gemeenten. In Merelbeke bijvoorbeeld hebben de inwoners van het centrum op die manier de keuze uit geldautomaten op wel liefst 12 verschillende locaties.

Op Belgisch niveau bevinden zich niet minder dan 82 procent van de automaten van grootbanken op minder dan 1 kilometer van een andere geldautomaat. De helft ligt zelfs op minder dan 185 meter van de volgende automaat.

14

Elders is het lang zoeken naar cash uit de muur. Vandaag is in 14 gemeenten - vooral Waalse - geen geldautomaat meer te vinden. In Vlaanderen gaat het om Lierde en Mesen.

87

In 87 kleinere Belgische gemeenten zijn de vier grootbanken vandaag compleet afwezig. In Vlaanderen gaat het naast Lierde en Mesen (waar helemaal geen automaten zijn) ook nog om Zuienkerke, Spiere-Helkijn, Wortegem-Petegem en Herstappe. In Brussel zijn er geen automaten van grootbanken in Koekelberg.

11

In 11 van die 87 gemeenten kunnen de inwoners nog wel terecht bij een kantoor van een kleinere bank. In 62 bijkomende gemeenten zijn ook de kleinere banken afwezig, maar heeft Bpost een geldautomaat voorzien. De meeste van die 62 gemeenten liggen in Wallonië, maar in drie van de vier Vlaamse gemeenten zonder grootbank (Zuienkerke, Wortegem-Petegem en Herstappe) zijn ook geen kleinere banken meer aanwezig, enkel nog Bpost. In Spiere-Helkijn is enkel AXA nog aanwezig.

46%

Het verdwijnen van geldautomaten is vooral te merken op het niveau van de deelgemeenten. Van de 2.664 Belgische deelgemeenten en districten hebben er 1.678 geen geldautomaat. In 6 op de 10 kun je dus geen geld afhalen. In Vlaanderen gaat het om iets meer dan 46% van alle deelgemeenten waar geen automaat aanwezig is. In 2010 was dat nog 32%.

Een van de voorbeelden van een dorp zonder bankautomaat is Haasdonk. In die deelgemeente van Beveren verdwenen op korte tijd de filialen van vier grootbanken. Eind 2020 sloten de laatste twee, vandaag moeten minder mobiele inwoners een uur de bus op om geld af te halen. En ook de lokale handelzaken merkten al de gevolgen van een winkelstraat zonder automaat. Lees hier onze reportage uit Haasdonk

5

Om te vermijden dat er nog meer gaten in het netwerk vallen, willen de grootbanken via hun geldautomatenalliantie Batopin nieuwe toestellen plaatsen op bestaande en nieuwe locaties. Van de 92 automaten die Batopin in eerste instantie wil plaatsen, komen er 5 te staan in een deelgemeente waar nu geen geld kan afgehaald worden. In Vlaanderen gaat het om Erpe, Ruisbroek, Sint-Joris-Weert en Zichem.

Desondanks hebben de meeste Belgen een vlotte toegang tot cash: 6 op de 10 heeft een automaat op wandelafstand (1 kilometer) en 8 op de tien moet zich minder dan 3 kilometer verplaatsen. Bijna de volledige bevolking kan een toestel vinden op minder dan vijf kilometer.

Die afstand van vijf kilometer is de maatstaf die Batopin gebruikt en internationaal ook door de Europese Centrale Bank als referentie gebruikt wordt. Dat lijkt een verrassende tegenstelling maar vaak is er in een naburige deelgemeente wel nog een automaat beschikbaar. Daarnaast valt er op het terrein te horen dat die afstand van 5 kilometer voor oudere en minder mobiele mensen een te grote drempel is.

De analyse toont ook dat er grote verschillen zijn tussen landelijke en stedelijke gebieden. Vanuit een Vlaamse landelijke gemeente is de mediane afstand tot de dichtsbijzijnde automaat 1,7 kilometer. In Vlaamse centrumsteden is dat zo'n 950 meter. Ter vergelijking: In Wallonië zijn die afstanden dubbel zo lang met een mediane afstand van 3,3 kilometer tot de meest nabije automaat op het platteland en 1,8 kilometer in de Waalse centrumsteden.

Door het nieuwe netwerk rationeel uit te bouwen op basis van bevolkingsdichtheid, economische activiteit en de reële cashnood kunnen gaten worden opgevuld en de dorpskernen ontdubbeld. Al wordt er achter de schermen druk gelobbyd om zoveel mogelijk automaten binnen te halen. De beschikbaarheid van cash in hun gemeente is een zorg van vele burgemeesters. Maar ook de Wetstraat heeft oog voor automaten in de dorpstraat. Er liggen vier wetsvoorstellen over dit thema op tafel in de Kamer

Hoe gingen we te werk?

De Tijd verzamelde op maandag 19 april 2021 de locatiegegevens van 17 Belgische banken. Op basis van hun websites verzamelden we een lijst van kantoren en gingen we na in welk van die kantoren er volgens de bank een publieke geldautomaat beschikbaar is. We lijstten op die manier ook 'losse' geldautomaten op, in aparte ruimtes zonder loketten of op plaatsen als winkelcentra en treinstations. Dat levert een overzicht op van de verschillende locaties in ons land, niet van het aantal automaten per locatie of in totaal.

Om te berekenen hoeveel Belgen een bankautomaat dichtbij hebben verdeelden we gans België in rasters van 1 op 1 kilometer. Voor elke cel groeperen we alle adressen en berekenen we de afstand vanuit het centrum van de cel tot de dichtstbijzijnde geldautomaat. Net als bij de berekening van de afstand tussen twee bankautomaten gaan we hier uit van de afstand in vogelvlucht.

De bevolkingsmatrix op resolutie van 1 vierkante kilometer is beschikbaar via Statbel, het Belgische bureau voor statistiek. Alle andere administratieve grenzen zijn afkomstig van het Nationaal Geografisch Instituut (NGI). Waar nodig en waar mogelijk werd de data van de bankenwebsites verder aangevuld of gecorrigeerd met eigen gegevens of met informatie van de banken zelf.