Uitgelegd

In zes vragen naar het gepaste beleggingsfonds

Uitgelegd door Peter Van Maldegem

Nooit eerder parkeerden Belgen zoveel geld op hun spaarrekening als vandaag. Nochtans brengt dat spaarboekje nauwelijks iets op. Beleggingsfondsen kunnen een alternatief vormen, ook voor spaarders met weinig zin voor risico.

START

De vragen

/

Wat zijn fondsen?

Met beleggingsfondsen kunt u op een eenvoudige manier beleggen in een heel gespreide portefeuille van aandelen, obligaties of andere beleggingsinstrumenten. Die portefeuille wordt beheerd door professionele beleggers die de financiële markten op de voet volgen.

/

Wat zijn de voordelen?

U hoeft de financiële markten zelf niet op te volgen, een beheerder doet het voor u.

U kunt al met een heel beperkt bedrag instappen. Afhankelijk van het fonds kan het al vanaf enkele tientallen euro’s.

U kunt in fondsen beleggen via een spaarformule, waardoor u gespreid kunt instappen.

Fondsen bieden toegang tot financiële markten die anders minder toegankelijk zijn. Denk bijvoorbeeld aan Chinese aandelen.

/

Welke soorten fondsen zijn er?

In België zijn meer dan 10.000 verschillende beleggingsfondsen beschikbaar. Ze kunnen worden opgedeeld volgens de beleggingsinstrumenten waarin ze beleggen. Zo zijn er fondsen die enkel in aandelen beleggen of fondsen die enkel in obligaties beleggen.

Een populaire categorie in ons land zijn de gemengde fondsen. Die fondsen beleggen in een mix van aandelen, obligaties en andere beleggingsinstrumenten. Voorts zijn er nog kleinere fondsencategorieën zoals vastgoedfondsen, alternatieve fondsen en fondsen met kapitaalbescherming.

/

Hoe kiest u een fonds dat bij u past?

Het is niet evident in het ruime aanbod een fonds te vinden dat bij u past. De volgende stappen kunnen daarbij helpen.

Stap 1: bepaal uw risicoprofiel

Aan de hand van uw risicoprofiel kunt u al een eerste ruime selectie maken van fondsen die bij u passen. Hoe meer risico u durft te nemen, hoe hoger uw potentieel rendement, maar hoe meer u ook bestand moet zijn tegen koersschommelingen van uw fonds. In de essentiële beleggersinformatie, die voor elk fonds beschikbaar is, wordt het risico van het fonds uitgedrukt op een schaal van 1 tot en met 7. Hoe hoger het cijfer, hoe groter het risico. Doorgaans krijgen aandelenfondsen bijvoorbeeld een 6 of 7.

Vanzelfsprekend hangt uw risicobereidheid ook af van uw beleggingshorizon. Kunt u het geld voor meerdere jaren missen, dan kunt u uiteraard meer risico nemen dan als u uw kapitaal al na drie jaar opnieuw wilt opvragen.

Stap 2: kies de juiste beleggingscategorie

Op basis van uw risicoprofiel mag u dan wel een eerste grote selectie van fondsen gemaakt hebben, een verfijning is nodig. Want binnen de brede categorie van bijvoorbeeld aandelenfondsen zijn er tal van deelcategorieën. Kiest u voor een fonds dat enkel in groeimarktaandelen belegt, of enkel in Amerikaanse aandelen? Of kiest u eerder voor een fonds dat enkel belegt in aandelen uit één sector?

De economische vooruitzichten zullen mee die keuze bepalen, maar algemeen is het zo dat u het best voor een zo groot mogelijke spreiding kiest als u nog geen beleggingen in portefeuille hebt. Wilt u beleggen in een aandelenfonds en hebt u geen andere fondsen in portefeuille, geef dan de voorkeur aan een fonds dat zowel naar regio als naar sectoren voldoende gespreid is. Pas als u al een gespreide beleggingsportefeuille hebt, kunt u specifiekere fondsen gebruiken om bepaalde accenten in de portefeuille te leggen. Zo kunt u bijvoorbeeld een beperkt percentage van uw portefeuille in een technologiefonds beleggen als u gelooft dat die sector een bovengemiddeld groeipotentieel heeft.

Stap 3: kies het juiste fonds

Uw huiswerk zit er nog niet op als u een specifieke beleggingscategorie hebt gekozen. Want binnen die categorie zult u vaak nog een aanbod van tientallen fondsen terugvinden. De fondsen onderscheiden zich doordat ze door verschillende fondsenhuizen beheerd worden. En die beheerders laten verschillende rendementen optekenen. Algemeen kan gesteld worden dat geen enkel fondsenhuis de beste kan zijn in elke categorie. Het is dus belangrijk elk fonds op zijn verdiensten te beoordelen. Twee factoren spelen een rol: rendement en kosten.

Beleg niet in een fonds enkel en alleen omdat het fonds over een periode van 1 jaar het hoogste rendement haalde in zijn categorie. Soms blijken de winnaars van gisteren de verliezers van morgen. Ga voor fondsen die een grote regelmaat laten zien, en elk jaar opnieuw tot de betere in hun categorie behoren. Die regelmaat is geen garantie voor toekomstig succes, maar achter de regelmaat schuilt vaak wel een kwaliteitsvol beheer en een consistente beleggingspolitiek. De Tijd-kronen beoordelen fondsen op hun regelmaat tijdens de voorbije vijf jaar.

Ook de kosten spelen een rol. Probeer fondsen te mijden met bovengemiddelde kosten binnen hun categorie. In fondsenland is er namelijk geen verband tussen de kosten van een fonds en de kwaliteit van het beheer. Een duurder fonds presteert niet noodzakelijk beter.

Blijf op de hoogte van fondsennieuws met onze wekelijkse nieuwsbrief. Schrijf u hier in.

/

Wat zijn de kosten van een fonds?

De kosten van een fonds vormen een belangrijk aandachtspunt. Algemeen kunnen ze opgedeeld worden in vier categorieën.

De instapkosten zijn de eenmalige kosten die u betaalt als u een fonds koopt. Ze zijn uitgedrukt in een percentage van het belegde bedrag. Die kosten kunnen in sommige gevallen oplopen tot meer dan 5 procent. In de essentiële beleggersinformatie van het fonds zult u de instapkosten terugvinden. Doorgaans gaat het om een maximum. Het is aan de verdeler/verkoper van het fonds om te bepalen hoeveel hij precies zal aanrekenen.

De uitstapkosten zijn eveneens eenmalige kosten, maar dan bij de verkoop van het fonds. Bij de grote meerderheid van de fondsen zijn de uitstapkosten echter 0 procent.

De jaarlijks terugkerende kosten worden uitgedrukt als een percentage en zijn terug te vinden in de essentiële beleggersinformatie als ‘lopende kosten’. Ze omvatten onder meer de vergoeding voor de beheerder, de verkoper en de bewaarder van het fonds en ook administratiekosten. Voor een meerderheid van de fondsen liggen die totale kosten tussen 0,5 en 2,5 procent per jaar, afhankelijk van het type fonds en de beheerder. De kosten worden dagelijks proportioneel verwerkt in de inventariswaarde van het fonds, zodat u ze niet apart betaalt.

De prestatiekosten zijn kosten die aangerekend worden als een fonds een bepaalde rendementsdoelstelling heeft bereikt. Als het fonds bijvoorbeeld een jaarlijks rendement van 6 procent ambieert, en het fonds haalt een rendement van 8 procent, dan wordt een deel van dat extra rendement van 2 procent afgeroomd in de vorm van kosten. Een minderheid van de fondsen die vandaag op de markt te vinden zijn, rekent prestatiekosten aan.

/

Waar kunt u fondsen kopen?

De meeste beleggingsfondsen zijn niet beursgenoteerd. U moet ze dus bij de bank kopen. In principe biedt wel elke Belgische bank een beleggingsoplossing in de vorm van een of meerdere fondsen aan.

De meeste financiële instellingen beperken zich tot huisfondsen. Dat zijn fondsen die de financiële instelling zelf beheert. Het is alsof u in een supermarkt zou shoppen waar enkel de huismerken te krijgen zijn. Andere banken bieden fondsen van verschillende fondsenhuizen aan. Voorbeelden zijn Deutsche Bank, MeDirect, Keytrade en BinckBank.

Wilt u het fondsennieuws online volgen? Surf naar onze vernieuwde fondsenwebsite. Daarnaast ontvangt u als Tijd-abonnee maandelijks onze vernieuwde fondsenbijlage.